Trefbal, hét spel waar de goede actief zijn, de rest niet

Iedereen heeft het spel wel eens gespeeld op de lagere- of middelbare school: trefbal! Ikzelf ook. We hadden er zelfs een jaarlijks toernooi in, waarbij je het opnam tegen andere scholen. Fantastisch vond ik het. En nu nog steeds, ik vind het een heerlijk spel om te spelen! 

Dat ik het een leuk spel vind, komt omdat (zonder op te scheppen) ik er goed in was. Ik kreeg vaak de bal en als de bal op mij gegooid werd, ving ik de bal met grote regelmaat. En als ik dan werd afgegooid, kreeg ik weer de bal, gooide iemand af en kon er weer in. Ik vond het fantastisch, want ik was continu in beweging.

Ik ben er ook nog!
Zo zijn er meer mensen die trefbal geweldig vinden om te spelen. Maar er zijn er ook die bij trefbal niet staan te juichen. En ook ik ben teruggekomen van het klassieke trefbal. Als je goed naar het spel kijkt, zie je maar een select groepje bewegen; de rest doet niet mee. Als je wordt afgegooid en je hoort er niet bij, dan blijf je daar maar staan. Af en toe probeer je nog te roepen dat jij de bal wilt krijgen, en dan heb je eindelijk een keer de bal, dan moet je hem afgeven aan een goede beweger, degene die de grootste mond heeft of degene die het populairste in de groep is. Nee, trefbal is niet voor iedereen een geweldig spel.

“Eens per tien minuten had ik de bal, die ook nog eens moest afgeven!”
Gerelateerde afbeelding

Als minder goede beweger is trefbal een vreselijk spel. Eigenlijk sta je de hele tijd er voor spek en bonen bij. Je doet er gewoon niet toe! Als je daar over nadenkt, is dat vreselijk. Wat doe je dan iemand aan. Een meisje zei wel eens tegen mij: “Ik heb wel eens bijgehouden hoe vaak ik de bal kreeg: één keer in tien minuten. En toen moest ik de bal ook nog inleveren. En mat-trefbal vind ik helemaal vreselijk, want dan moet ik dus de mat vasthouden.” Ga maar eens na, één keer in de tien minuten de bal krijgen of alleen dat je alleen maar de mat mag vasthouden. Dat moet tergend zijn. Om te zien dat anderen lekker bewegen en jij staat daar maar.

Het kan en moet anders!
Nu wil ik hier niet gaan pleiten dat trefbal per direct afgeschaft moet worden. Integendeel, trefbal blijft een mooi spel. Alleen we moeten het anders organiseren. We moeten momenten creëren dat de minder goede bewegers aan bod komen en we moeten het de goede bewegers moeilijker maken. Zo heb ik zelf ook nagedacht over wat je kunt toevoegen of veranderen aan het spel:

Afbeeldingsresultaat voor tip

1) Stel een regel in: ben je af, ga je aan de kant van je team staan. De eerstvolgende die af is gegooid mag er weer in, wanneer een persoon van het andere team af is (doordat die is afgegooid of door een gevangen bal). Dat zorgt ervoor dat minder mensen langs de kant van het spel staan.
2) Zet aan weerszijde 5 pionnen neer. Die mogen alleen omgegooid worden door ‘bowlingballen’. Ik gebruik hiervoor wat kleinere ballen, die alleen gerold mogen worden. Degene die een bowlingbal vast heeft, mag niet worden afgegooid. Als je alle pionnen omgooit, kun je ook winnen.
3) Zet aan weerszijde twee korfbalpalen neer. Wordt de bal erin gegooid, dan mag iedereen van jouw team er weer in.
4) Leg matjes neer die als escape dienen. Als je op het matje staat, kun je niet afgegooid worden.
5) Zet een kast neer waarachter je kunt schuilen. Op deze kast zet ik soms ook kleine pionnetjes die eraf gegooid kunnen worden. Vaak zet ik dan een escape-mat voor die kast. Goede bewegers vinden het fantastisch om al die ballen tegen te houden.

Heb je zelf ook tips? Reageer op het artikel en dan zet ik ze erbij!

Concluderend gaat het erom dat we recht doen aan iedere leerling die in de gymzaal aan het bewegen is. Iedereen doet mee en iedereen kán ook meedoen. Daar draait het bij mij en De Spelles om. Het klassieke trefbal hoort daar naar mijn mening niet bij, dat doet geen recht aan alle bewegers, slechts voor een deel. Daar moeten wij als leerkrachten, vakdocenten en spelleiders voor zorgen.

Matthijs

“De scheids heeft altijd gelijk, zelfs als hij geen gelijk heeft.”

Regelmatig zie je het gebeuren op tv, op de sportvelden, maar ook in de gymzaal: het commentaar geven op de leider van het spel. In de voetbalwereld is het bijna de normaalste zaak van de wereld geworden om de scheidsrechter af te vallen als de genomen beslissing niet degene is die je wilt. Wij vinden het dan normaal om op dat moment allerlei verwensingen te uiten aan het adres van de scheidsrechter.

Kijk maar eens naar de tribune wanneer de scheidsrechter in het nadeel fluit van de mensen op de tribune: de (wegwerp)gebaren komen massaal de huiskamer in! Of wat te denken van de ouders die langs de lijn staan als hun jonge kinderen op zaterdag een potje voetballen. Afbeeldingsresultaat voor scheidsrechter boos spelersEn ook als spelers in het veld vinden ze het normaal om de beslissing van de scheidsrechter te beargumenteren, in twijfel te trekken en druk gebarend geven ze aan dat de scheidsrechter het absoluut verkeerd heeft gezien. En wat ook steeds meer gebeurt: de kinderen nemen het gedrag over van wat ze op tv zien, naar de praktijk van de gymles.

Er wordt, ook door de spelers in het veld, vooral een beroep gedaan op het onrecht wat hen wordt aangedaan. Onrecht voelt ook niet goed, begrijp me goed, maar onrecht hoort wel bij het spel. Dat laatste leg ik even uit, ook met de link naar het onderwijs, maar met heel veel raakvlakken op andere situaties.

“Onrecht hoort bij het spel”

Het is eigenlijk heel simpel: waar mensen de leiding hebben over het spel, daar worden fouten gemaakt. En zo lang wij willen dat het spel geleid wordt door mensen, dan moeten we accepteren dat er dingen fout kunnen gaan. En ja, dat is soms slikken als naar jouw idee een verkeerde beslissing wordt genomen, zeker wanneer de belangen zo groot zijn.

Maar het is wel een hele kunst om als leider van het spel alles in de gaten te houden. Wie zelf wel eens een spel heeft geleid, weet hoe moeilijk dit is. Je denkt daarna wel na voordat je een scheidsrechter of spelleider afvalt. En toch vinden we steeds meer dat we de beslissingen van de scheidsrechter of spelleider in twijfel mogen trekken. Afbeeldingsresultaat voor jongen middelvinger feyenoordAlleen maar omdat wij vinden dat wij gelijk hebben.

Hierin moet een gedragsverandering plaatsvinden, omdat we ons zelf gek maken, daarbij niet voor ogen houden dat het spel kapot wordt gemaakt en ook het spelplezier verdwijnt. Want daar draait het uiteindelijk wel om: we willen plezier beleven aan het spel dat we spelen.

“De scheidsrechter heeft altijd gelijk, zelfs als hij het fout heeft”

Toch is het haalbaar om op korte termijn de beleving weer terug te laten komen en het gezeur sterk te doen verminderen. Als eerste heb ik drie jaar geleden de regel bij mijn gymlessen: de scheidsrechter heeft altijd gelijk, zelfs als hij het fout heeft.” Dit moest ik wel even uitleggen.

Ik kwam op deze zin naar aanleiding van de film Scarface. Dat heb ik maar niet aan mijn leerlingen verteld. Wel legde ik aan hen uit, dat hierbij bedoeld wordt, dat de intentie van de spelleider is om het spel eerlijk te leiden. Hij wil de regels die er zijn handhaven. Daarbij kan de spelleider in jouw ogen het verkeerd hebben, en dus een fout maken, maar zijn intentie is dat hij de juiste beslissing neemt, anders zou hij die beslissing niet maken. Het gevolg was wel wat ik hieraan koppelde, dat wanneer iemand mijn beslissing aanvocht, ik diegene onmiddellijk eruit stuurde.Afbeeldingsresultaat voor omgaan verliezen sport kind

Dat leverde één keer een boos gezicht op, daarna niet meer gezien. En het gaf hen rust: in is in, uit is uit, geen commentaar, de leider bepaalt. Daarnaast werd ik zelf ook consequenter in mijn beslissingen, ging ik directer het spel leiden en ging ik nog beter kijken naar het spel. Met als resultaat dat meer leerlingen hun fouten accepteerden. En degene die het niet lukte, daar kwam ik mee tot de kern van het probleem.

Zo vertelde een leerling tegen mij: “Ik weet dat u gelijk heeft, maar ik kan er echt niet tegen dat ik word afgegooid.” Met die leerling had ik een gesprek, over zijn emoties en over de stappen die hij dan kon nemen. Het gevolg: hij vindt het nog steeds moeilijk, maar hij leert er wel mee omgaan en is er nu juist op gebrand om niet afgegooid te worden. Hij wordt nu eerder boos op zichzelf omdat hij niet er niet alles aan heeft gedaan om de bal te vangen, in plaats van de schuld bij de ander (o.a. de spelleider) te zoeken.

“Zodra je in het veld stapt, kun je winnen of verliezen”

Ook moeten de voorwaarden om aan een spel deel te nemen, duidelijk zijn. In mijn spelles geef ik altijd aan: “Zodra je in het veld stapt en aan het spel meedoet, kun je winnen of verliezen. Kun je dat accepteren, dan ben je welkom. Niet? Dan kun je niet meedoen.” Deze is wel hard, maar bij sommige kinderen is deze voorwaarde wel heel erg nodig. Die accepteren geen verlies, alleen maar winst.

Op zich prima, maar het heeft grenzen: de regels van het spel. En ja, dan zit er maar een leerling aan de kant. Het spel moet rationeel gespeeld worden, en niet vanuit emoties. Dan benadeel je maar één leerling, in plaats van 25 anderen, die het spel wel op de juiste manier willen spelen. Zo heb ik één keer een leerling gehad die hier geen volmondige ‘ja op kon zeggen, die mocht dus ook niet meedoen. Boos, boos dat hij was. Maar ook dat resulteerde in een positieve wending. Aan het einde van de les kwam hij naar me toe: hij was van gedachte veranderd en accepteerde de voorwaarde.

Nog één minuut heeft hij kunnen meedoen. Op dat moment keihard, maar hij heeft geleerd dat meedoen aan een spel niet iets is waarin je je kunt laten gaan, maar dat het ook nadelen heeft: je kunt verliezen. En daar moet je mee leren omgaan. Dat moeten wij hen leren. Het grootste gedeelte neemt het van ons aan, maar bij een aantal moet je als spelleider heel consequent zijn.

Voor nu zijn dit mijn twee gouden tips om naar leuke spellen, je spelles zo goed mogelijk te leiden. Mocht je nog een aanvulling hebben, reageer gerust! 

Met deze blog wil ik duidelijk maken dat spel ontzettend leuk is, maar wel op een juiste manier gespeeld moet worden. “Sport is emotie”, wordt dan gezegd, “dat moeten we accepteren.” Betekent dat dan dat je jezelf mag verliezen door de keuzes van de spelleider in twijfel te trekken? Nee, dat moeten we als deelnemers, als samenleving en spelleider juist niet accepteren. De spelleider heeft namelijk altijd gelijk, ook als hij een fout maakt. Hij zorgt ervoor dat het spel gespeeld kan worden en dat wij ons druk kunnen maken op het zo goed mogelijk beoefenen van het spel.

Degene die dat niet kan accepteren of niet kan, heeft een probleem, een probleem dat in eerste instantie niet van ons is of van ons gemaakt moet worden. We willen ze daarbij helpen, ja, maar dit is niet hoe je met elkaar en met de spelleider omgaat. Dan kun je simpelweg gewoon niet meedoen. Voor kinderen een (levens)les die van jongs af aan geleerd moet worden. En als ze dat leren, hebben ze hier nu en later heel veel profijt van.

 

De Spelles werkt samen met Gymspiratie

Afgelopen week hebben De Spelles en Gymspiratie onderling afgesproken om de kennis die we bezitten meer met elkaar te delen met als doel om het niveau van de spellen en de gymlessen nog verder te vergroten. Dit zal vooral achter de schermen gebeuren, maar wel terugkomen in de spellen die aan jullie getoond worden via de websites en via de sociale media.

Wordt vervolgd!

Met sportieve groet,

Matthijs

Tenniskids@School: Slaan en ontvangen

Benodigdheden:

Beschrijving:
Tennissen in de gymles, dat valt te realiseren met Tenniskids@school, mede mogelijk gemaakt door de KNLTB. Met dit spel / oefening kun je op de eerste stap zetten naar een tennisrally. De bedoeling is simpel: speel de bal over de banken, laat de bal stuiteren  en ‘vang’ de bal in de pion. Een gelukte actie is en punt waard.

Veel spelplezier

 

Hoe om te gaan met een hype of rage

Omgaan met een hype of rage

Het kan wel eens lastig zijn hoe je nou op een goede wijze om moet gaan met een hype of een rage. Als ouder wil je natuurlijk dat je kind zo meegaat in een rage dat het bijna een verslaving wordt. Denk hierbij aan de rage rond Pokemon Go, Fidget Spinners en de Bottle-Flip. Kinderen kunnen hier urenlang mee zoet zijn, waarbij je als ouder denkt: hallo, er zijn nog meer dingen op de wereld!

Ook als leerkracht is het soms lastig om hier goed mee om te gaan. De kinderen besteden elk vrij moment wat ze hebben aan deze rage. Al was Pokemon Go iets makkelijker te reguleren, omdat mobiele telefoons bij ons niet in het zicht mogen. Maar met de Fidget Spinner of de Bottle-Flip was het een stuk lastiger.

‘Met mate, met je maten’

Mijn visie hoe om te gaan met een rage is om deze niet te verbieden, maar om het op een goede manier in te zetten. Ik zeg vaak: met mate, met je maten. Hiermee leg ik aan de kinderen uit dat je het samen met je vrienden een rage moet spelen, maar dat je ook andere dingen ermee kunt doen. En dan geef je zelf het goede voorbeeld door er leuke spelletjes mee te bedenken. Dat heb ik gedaan door de rage te gebruiken in mijn lessen d.m.v. een Bottle-Flip Estafette of een Fidget-Spinner spel

Met het goede voorbeeld geven leren kinderen van u als ouder of als leerkracht wanneer het genoeg is. En door in gesprek te gaan met kinderen, leren ze dat het goed is om met een rage mee te gaan, maar dat er ook grenzen zijn.

Mario Kart Koins

Nu zie ik de kinderen uit mijn groep met van allerlei Koins aankomen, die je kunt sparen bij een supermarkt. Nee, geen Bit-coins, maar Mario Kart Koins. Dit zijn munten, het heeft iets weg van Flippo’s (weet u het nog-:)), waarmee je allerlei trucjes kunt doen. Het eerste wat ik heb gedaan is door in gesprek te gaan en erachter te komen wat het is en wat je er allemaal mee kunt. Daar koppelde ik direct een idee aan waar ik deze Koins voor kon gebruiken. We kwamen er als snel achter dat je er allerlei behendigheidsoefeningen mee kunt doen en een kind bedacht al snel het spel Knikkeren met Koins door een pion op z’n kop te zetten. Hoe gaaf is dat?!

Ja, daar hoort dan wel een consequentie bij als leerkracht: wanneer gaan we het spelen in de praktijk? Het laatste kwartier van de dag hebben we daarom allerlei leuke spelletjes met Mario Kart Koins gespeeld. De eis van mij was wel dat ik ze de rest van de dag niet meer wilde zien. Zonder morren werden ze opgeborgen, een aantal leverden ze zelfs in: “Hier meester, het lijkt me verstandiger als u ze bewaart! -;) ”

Missie geslaagd…