De scheids heeft altijd gelijk, zelfs als hij geen gelijk heeft!

Regelmatig zie je het gebeuren op tv, op de sportvelden, maar ook in de gymzaal: het commentaar geven op de leider van het spel. In de voetbalwereld is het bijna de normaalste zaak van de wereld geworden om de scheidsrechter af te vallen als de genomen beslissing niet degene is die je wilt. Wij vinden het dan normaal om op dat moment allerlei verwensingen te uiten aan het adres van de scheidsrechter.

Kijk maar eens naar de tribune wanneer de scheidsrechter in het nadeel fluit van de mensen op de tribune: de (wegwerp)gebaren komen massaal de huiskamer in! Of wat te denken van de ouders die langs de lijn staan als hun jonge kinderen op zaterdag een potje voetballen. Afbeeldingsresultaat voor scheidsrechter boos spelersEn ook als spelers in het veld vinden ze het normaal om de beslissing van de scheidsrechter te beargumenteren, in twijfel te trekken en druk gebarend geven ze aan dat de scheidsrechter het absoluut verkeerd heeft gezien. En wat ook steeds meer gebeurt: de kinderen nemen het gedrag over van wat ze op tv zien, naar de praktijk van de gymles.

Er wordt, ook door de spelers in het veld, vooral een beroep gedaan op het onrecht wat hen wordt aangedaan. Onrecht voelt ook niet goed, begrijp me goed, maar onrecht hoort wel bij het spel. Dat laatste leg ik even uit, ook met de link naar het onderwijs, maar met heel veel raakvlakken op andere situaties.

“Onrecht hoort bij het spel”

Het is eigenlijk heel simpel: waar mensen de leiding hebben over het spel, daar worden fouten gemaakt. En zo lang wij willen dat het spel geleid wordt door mensen, dan moeten we accepteren dat er dingen fout kunnen gaan. En ja, dat is soms slikken als naar jouw idee een verkeerde beslissing wordt genomen, zeker wanneer de belangen zo groot zijn.

Maar het is wel een hele kunst om als leider van het spel alles in de gaten te houden. Wie zelf wel eens een spel heeft geleid, weet hoe moeilijk dit is. Je denkt daarna wel na voordat je een scheidsrechter of spelleider afvalt. En toch vinden we steeds meer dat we de beslissingen van de scheidsrechter of spelleider in twijfel mogen trekken. Afbeeldingsresultaat voor jongen middelvinger feyenoordAlleen maar omdat wij vinden dat wij gelijk hebben.

Hierin moet een gedragsverandering plaatsvinden, omdat we ons zelf gek maken, daarbij niet voor ogen houden dat het spel kapot wordt gemaakt en ook het spelplezier verdwijnt. Want daar draait het uiteindelijk wel om: we willen plezier beleven aan het spel dat we spelen.

“De scheidsrechter heeft altijd gelijk, zelfs als hij het fout heeft”

Toch is het haalbaar om op korte termijn de beleving weer terug te laten komen en het gezeur sterk te doen verminderen. Als eerste heb ik drie jaar geleden de regel bij mijn gymlessen: de scheidsrechter heeft altijd gelijk, zelfs als hij het fout heeft.” Dit moest ik wel even uitleggen.

Ik kwam op deze zin naar aanleiding van de film Scarface. Dat heb ik maar niet aan mijn leerlingen verteld. Wel legde ik aan hen uit, dat hierbij bedoeld wordt, dat de intentie van de spelleider is om het spel eerlijk te leiden. Hij wil de regels die er zijn handhaven. Daarbij kan de spelleider in jouw ogen het verkeerd hebben, en dus een fout maken, maar zijn intentie is dat hij de juiste beslissing neemt, anders zou hij die beslissing niet maken. Het gevolg was wel wat ik hieraan koppelde, dat wanneer iemand mijn beslissing aanvocht, ik diegene onmiddellijk eruit stuurde.Afbeeldingsresultaat voor omgaan verliezen sport kind

Dat leverde één keer een boos gezicht op, daarna niet meer gezien. En het gaf hen rust: in is in, uit is uit, geen commentaar, de leider bepaalt. Daarnaast werd ik zelf ook consequenter in mijn beslissingen, ging ik directer het spel leiden en ging ik nog beter kijken naar het spel. Met als resultaat dat meer leerlingen hun fouten accepteerden. En degene die het niet lukte, daar kwam ik mee tot de kern van het probleem.

Zo vertelde een leerling tegen mij: “Ik weet dat u gelijk heeft, maar ik kan er echt niet tegen dat ik word afgegooid.” Met die leerling had ik een gesprek, over zijn emoties en over de stappen die hij dan kon nemen. Het gevolg: hij vindt het nog steeds moeilijk, maar hij leert er wel mee omgaan en is er nu juist op gebrand om niet afgegooid te worden. Hij wordt nu eerder boos op zichzelf omdat hij niet er niet alles aan heeft gedaan om de bal te vangen, in plaats van de schuld bij de ander (o.a. de spelleider) te zoeken.

“Zodra je in het veld stapt, kun je winnen of verliezen”

Ook moeten de voorwaarden om aan een spel deel te nemen, duidelijk zijn. In mijn spelles geef ik altijd aan: “Zodra je in het veld stapt en aan het spel meedoet, kun je winnen of verliezen. Kun je dat accepteren, dan ben je welkom. Niet? Dan kun je niet meedoen.” Deze is wel hard, maar bij sommige kinderen is deze voorwaarde wel heel erg nodig. Die accepteren geen verlies, alleen maar winst.

Op zich prima, maar het heeft grenzen: de regels van het spel. En ja, dan zit er maar een leerling aan de kant. Het spel moet rationeel gespeeld worden, en niet vanuit emoties. Dan benadeel je maar één leerling, in plaats van 25 anderen, die het spel wel op de juiste manier willen spelen. Zo heb ik één keer een leerling gehad die hier geen volmondige ‘ja op kon zeggen, die mocht dus ook niet meedoen. Boos, boos dat hij was. Maar ook dat resulteerde in een positieve wending. Aan het einde van de les kwam hij naar me toe: hij was van gedachte veranderd en accepteerde de voorwaarde.

Nog één minuut heeft hij kunnen meedoen. Op dat moment keihard, maar hij heeft geleerd dat meedoen aan een spel niet iets is waarin je je kunt laten gaan, maar dat het ook nadelen heeft: je kunt verliezen. En daar moet je mee leren omgaan. Dat moeten wij hen leren. Het grootste gedeelte neemt het van ons aan, maar bij een aantal moet je als spelleider heel consequent zijn.

Voor nu zijn dit mijn twee gouden tips om naar leuke spellen, je spelles zo goed mogelijk te leiden. Mocht je nog een aanvulling hebben, reageer gerust! 

Met deze blog wil ik duidelijk maken dat spel ontzettend leuk is, maar wel op een juiste manier gespeeld moet worden. “Sport is emotie”, wordt dan gezegd, “dat moeten we accepteren.” Betekent dat dan dat je jezelf mag verliezen door de keuzes van de spelleider in twijfel te trekken? Nee, dat moeten we als deelnemers, als samenleving en spelleider juist niet accepteren. De spelleider heeft namelijk altijd gelijk, ook als hij een fout maakt. Hij zorgt ervoor dat het spel gespeeld kan worden en dat wij ons druk kunnen maken op het zo goed mogelijk beoefenen van het spel.

Degene die dat niet kan accepteren of niet kan, heeft een probleem, een probleem dat in eerste instantie niet van ons is of van ons gemaakt moet worden. We willen ze daarbij helpen, ja, maar dit is niet hoe je met elkaar en met de spelleider omgaat. Dan kun je simpelweg gewoon niet meedoen. Voor kinderen een (levens)les die van jongs af aan geleerd moet worden. En als ze dat leren, hebben ze hier nu en later heel veel profijt van.